Geschiedenis

De Heimolen dateert van 1662 en is één van de laatste 130 houten windmolens die Vlaanderen nog telt. Wat hem bijzonder maakt is dat hij van sinds zijn oprichting steeds op de zelfde plaats is blijven staan en dat hij nooit vernield is geweest door brand of door de oorlogen.
Vroeger bakten vele mensen zelf hun brood in een lemen houthoven. Vele, al wat oudere bezoekers van de Heimolen, herinneren zich nog hoe zij naar de molen kwamen om tarwe en rogge te laten malen voor het dagelijks brood. De laatste molenaar die om den brode maalde op de Heimolen was Walter Van Aelst, door zijn klanten beter gekend als Den Teires. Hij stierf in december 2003.
De familie Van Aelst huurde deze molen al van in 1884. Het was van zijn grootvader, Jan-Baptist Van Aelst, dat Walter de stiel leerde. Walter nam de zaak van zijn grootvader over toen die op pensioen ging. Hij was molenaar tot 1959, het jaar dat de molenaars uit de streek mekaar felle concurrentie begonnen aan te doen. Vooral die uit Tielt en Houwaart met hun vuurmolen. Om rond te komen moest hij er een handel in veevoeders bijnemen, waardoor er bijna geen tijd over bleef om te malen. Dit was de aanzet tot het verval van de Heimolen.
De toemalige eigenares mej. Fasbinder wilde de molen dan verkopen. Maar aangezien het hoogste bod slechts 300.000 BF was, bleef de molen familiebezit. In 1968 werden er hoogdringende restauratiewerken uitgevoerd aan de Heimolen. De molen werd niet maalvaardig opgeleverd door architect Louis Bos.
Sinds de jaren '60 heeft de molen niet meer gemalen, maar bleef toch als monument het landschap bepalen. Na het overlijden van Mej. Fasbinder kwam de molen in handen van de familie Canard d'Amal. Ondanks de laatste restauratie kwam de Heimolen vlug in verval.
Toen Natuurreservaten de molen in 1995 kocht was hij nog amper te betreden. Een wiek diende als steun om de molen mee overeind te houden. Net een oude man met zijn wandelstok. Nog Juist op tijd werd er een werkgroep opgericht door actieve leden van Natuurreservaten om de molen te redden. Dat jaar werd ook het eerste molenfeest georganiseerd, o.l.v. Jef Van Aelst, om de restfinanciering van de Heimolen af te betalen. Jef werd zo de eerste molenaar-conservator van de Heimolen en het natuurgebied, de Molenheide. Jef had al lang door dat er nieuwe restauratiewerken nodig waren. Vandaar dat de Molenheidewerkgroep zich in de periode van '95 tot '99 vooral inzette om het restauratiedossier af te werken en om fondsen te werven voor de 20% restfinanciering van de restauratie. Zeven molenfeesten en tal van andere activiteiten waren nodig om uit de kosten te raken.
De restauratie werd aangevat in de zomer van '98 door een molenbouwer uit Deinze. De Heimolen werd op 31 maart '99 maalvaardig opgeleverd. Sindsdien heeft Jef, die zelf de molenaarsstiel leerde van zijn grootoom Walter, vele zakken graan gemalen en een vijftal aspirant molenaars op de Heimolen opgeleid. Walter was molenaar op de staakmolen van Heist Op Den Berg en de peter van Den Teires. Walter geeft, nu op hoge leeftijd gekomen, nog veel vakkennis door aan de nieuwe generatie molenaars.